Het coronavirus, precaire arbeid en de ‘crisismaatschappij’

Het coronavirus bedreigt niet alleen kwetsbare individuen – het legt bloot hoe de wegkwijnende sociale banden een groeiend precariaat in gevaar brengen. Deze wegkwijnende sociale banden resulteren in een ‘crisismaatschappij’ – een systemische toename van de financiële, politieke, ecologische, sociale en gezondheidsuitdagingen waar we al langer (en zeker vandaag) voor staan en die sterk met elkaar verweven zijn.

Precaire werknemers

De coronacrisis versterkt de ontwrichtingen die de neoliberale ideologie in ons sociaaleconomisch systeem heeft veroorzaakt. De belangrijkste ontwrichtingen zijn de steeds precairder wordende arbeidsomstandigheden voor sommige groepen op de arbeidsmarkt.

Precaire werknemers lopen het grootste risico op besmetting, omdat ze sociale en mensenrechten ontbreken (waaronder het recht op collectieve onderhandelingen en participatie) terwijl ze weinig tot geen sociale bescherming hebben (waaronder adequate werkloosheids- en ziekte-uitkering). Dat is het geval voor diegenen die niet kunnen werken (de werklozen) en diegenen die wel kunnen werken maar geen gegarandeerde werkuren hebben (oproepbare werknemers zonder vast werkrooster en werknemers met nulurencontracten). Het geldt ook voor de laagbetaalde werknemers – meestal migranten, vrouwen en jongeren die gesegregeerd zijn in specifieke economische sectoren, zoals de schoonmaak, de zorgsector en de retail.

Een groot aandeel van de Europese arbeidskrachten werkt al onder arbeidsovereenkomsten die we gewoonlijk “niet-standaard” noemen, waarbij de “standaard” een goede, ouderwetse, fulltime arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur is. De categorie van niet-standaard arbeid omvat zelfstandigen in onderaanneming, uitzendkrachten, schijnzelfstandigen en digitale-platformarbeiders, met alle mogelijke overlap tussen die groepen.

De eerste slachtoffers

Een groot aandeel van de Europese arbeidskrachten werkt al onder arbeidsovereenkomsten die normaal “niet-standaard” genoemd worden, waarbij “standaard” een goede, ouderwetse, fulltime arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur is. De categorie van non-standaard arbeid omvat zelfstandigen in onderaanneming, uitzendkrachten, schijnzelfstandigen en digitaal-platformarbeiders, met alle mogelijke overlap tussen die groepen.

Neem nu zelfstandige werknemers. Zij zijn de eerste slachtoffers van een algemene vertraging van de economie, zoals we kunnen waarnemen bij de ‘social media communities’ en belangenorganisaties van freelancers – bijvoorbeeld, een survey van ACTA in Italië nadat de coronacrisis uitbrak.

Die zelfstandige werknemers zijn één van de meest kwetsbare groepen in deze noodtoestand. Aangezien hun inkomen gebaseerd is op een klant-leverancier relatie (in tegenstelling tot een werkgever-werknemer relatie), verliest de zelfstandige werknemer zijn of haar betaling wanneer de klant zijn bestelling intrekt. En als gevolge van deze onafhankelijke status, draagt hij of zij zelf de verantwoordelijkheid van deze hinder.

Terwijl we onafhankelijke werknemers in het verleden meestal terugvonden in beroepen behorend tot de hogere klasse – advocaten, privédokters, architecten – is deze categorie vandaag veel groter en gevarieerder, waarvan velen moeite hebben om rond te komen. Overheden in heel Europa hebben sinds de financiële crisis van 2008 vrij consistent de verschuiving naar zelfstandige arbeid aangemoedigd. Nu zien we daarvan het boemerangeffect.

Sommige Europese landen, zoals België en Italië, hebben maatregelen bediscussieerd of ingevoerd om onafhankelijke werknemers te ondersteunen. Dat maakt deel uit van een meer omvattende economische steunprogramma’s, om de verwachte zware impact van de lockdown regels op de nationale economieën te verzachten.

Thuisbezorging

Digitale-platformarbeiders – vaak op vrij cynische wijze omschreven als “het werk van de toekomst” – zijn een subgroep van de zelfstandige werknemers. Met bars, restaurants en cateringdiensten die sluiten als gevolg van de indammingsmaatregelen, stappen veel van die bedrijven over op thuisbezorging via voedselbezorgingsplatforms, om hun bedrijf toch draaiende te houden.

Toch lijkt niemand te beseffen dat de pizza niet bezorgd wordt door een robot maar door een individu die het risico loopt om het virus op te lopen en een vector te worden in de verspreiding ervan – voor maar een paar euro per bezorging en (meestal) niet verzekerd door het platform. In Italië, waar een lockdown het snelst in Europa werd toegepast, hebben bezorgers geprotesteerd om het bewustzijn over hun arbeidsomstandigheden te vergroten.

Gezien de focus op gezondheidswerkers in deze noodtoestand, is het vermeldenswaardig dat gezondheidszorg en sociale hulp … van de voortdurende uitbreiding van het aantal zelfstandige arbeidskrachten in de Europese Unie, met in deze sector een gemiddelde groei van 27,8% in het decennium 2008-2017. Veel van degenen die we nu “helden” noemen voor hun onvermoeibare inzet om levens te redden van Covid-19, werken mogelijks met zeer weinig sociale bescherming, geen gelimiteerde arbeidstijd, en in het algemeen minder sociale rechten dan een gewone werknemer.

De toekomst van werk

Als we het in deze context bekijken, is ‘de toekomst van werk’ niet echt een duurzame toekomst. Om de samenleving te redden van de crisis die we vandaag ervaren, en om oplossingen te vinden voor de verschillende problemen die de coronacrisis heeft blootgelegd, moeten we herdenken hoe we leven en werken. Beleidsmakers en ngo’s moeten zich volledig concentreren op de belangrijkste publieke goederen en diensten die we moeten produceren en op de waarden wie we moeten verankeren, om ‘het werk van de toekomst’ rond die goederen, diensten en waarden te organiseren.

Dit is zeker niet eenvoudig, aangezien geen enkele actor alleen verantwoordelijk is. Het definiëren van de voorwaarden en beginselen voor een duurzame samenleving vereist eerder een dringende waardering van democratisch bestuur, waaraan alle belanghebbenden – nationale overheden en de Europese instituties in het bijzonder – moeten bijdragen.

Valeria Pulignano is professor in de sociologie aan het Centrum voor Sociologisch Onderzoek aan de KU Leuven. Claudia Marà is doctoraatsstudente in het kader van het ERC-gefinancierde REsPecTMe project.

Deze gastbijdrage verscheen eerder bij Social Europe.

Het coronavirus tegen de markt

Nationaliseer Brussels Airlines voor het klimaat, de werknemers en de burgers