Migranten zijn politiek ongewenst maar feitelijk onmisbaar

Migranten zijn politiek ongewenst maar feitelijk onmisbaar

Hielke Van Doorslaer - politiek econoom (UGent ) en wetenschappelijk medewerker bij Denktank Minerva.

Wie nuchter naar het ‘migratievraagstuk’ kijkt, kan zich alleen verwonderd afvragen waarom steeds meer politici beloven werk te maken van minder migratie en strengere controles, terwijl de economische en demografische realiteit een stabiele instroom van nieuwkomers onvermijdelijk maakt.

Wie vandaag het geboortecijfer opkrikt, lost de arbeidsmarktkrapte van morgen niet op. 

Die spreidstand vormt de kern van wat we de migratieparadox noemen: overheden proberen elkaar te overtroeven met het ‘strengste asiel- en migratiebeleid ooit’, terwijl de eigen economie en arbeidsmarkt net in toenemende mate afhankelijk is van nieuwkomers.

De vraag naar extra werkende handen komt in de eerste plaats voort uit de ‘demografische herfst’ waarin veel hoge inkomenslanden zich bevinden. In heel Europa krimpt de beroepsbevolking op arbeidsleeftijd en neemt het aantal geboortes af terwijl de kosten voor pensioenen, zorg en sociale bescherming stijgen door een versnellende vergrijzing.

Ook in België is het natuurlijk bevolkingssaldo – het verschil tussen het aantal geboortes en het aantal sterfgevallen – volgens het Federaal Planbureau al sinds het begin van de jaren 2020 negatief geworden. De toekomstige bevolkingsgroei is daarmee rechtstreeks en structureel afhankelijk geworden van het internationaal migratiesaldo. Zonder substantiële netto-immigratie belooft de beroepsbevolking jaar na jaar te krimpen.

In heel Europa krimpt de beroepsbevolking op arbeidsleeftijd en neemt het aantal geboortes af terwijl de kosten voor pensioenen, zorg en sociale bescherming stijgen door een versnellende vergrijzing.

Zelfs met de huidige migratiecijfers zal de afhankelijkheidsratio, de verhouding tussen 67-plussers en de actieve bevolking, oplopen van 28 per 100 werkenden vandaag naar 45 per 100 tegen 2080, met grote gevolgen voor de financiering van onze pensioenen en zorg. Onze vergrijzende welvaartsstaten hebben simpelweg een ingebouwde vraag naar migranten ontwikkeld.

Loonladder

Anders dan vaak veronderstelt, komt migratie met aantoonbaar positieve economische effecten. Zo berekende de Nationale Bank van België in 2020 dat de migratie-instroom tussen 2012 en 2016 het Belgische bbp met liefst 3,5 procent deed toenemen. Internationale studies van het IMF en de OESO bevestigen die positieve trend. In vrijwel alle onderzochte landen bracht de gemiddelde migrant, die doorgaans een aanzienlijk jonger leeftijdsprofiel heeft dan de lokale bevolking, meer op aan belastingen dan hij kostte aan uitkeringen en voorzieningen.

De verklaring? Migranten versterken de totale arbeidsproductiviteit, vergroten de binnenlandse vraag en stellen niet-migranten in staat door te stromen naar beter betaalde, complexere jobs. De instroom van migranten verhoogt met andere woorden de arbeidsproductiviteit van de lokale bevolking: wie arbeidsintensieve, huishoudelijke of logistieke karweien kan uitbesteden, kan de eigen arbeid doelgerichter inzetten voor ander, meer productief en hoger betaald werk.

De Nationale Bank van België berekende in 2020 dat de migratie-instroom tussen 2012 en 2016 het Belgische bbp met liefst 3,5 procent deed toenemen.

Het omgekeerde geldt evenzeer. Neem alle kortgeschoolde migranten weg en Belgische werknemers zullen dalen op de arbeids- en loonladder.

Immigratie zorgt dus voor een stijging van zowel de tewerkstellingsgraad, als van de arbeids- en kapitaalproductiviteit, de investeringsgraad, en de economische activiteit.

Veel analyses, echter, laten die bredere economische of ‘dynamische’ effecten buiten beschouwing waardoor ze actief aan het beeld bijdragen dat migratie enkel een budgettaire kost voor de samenleving heeft. Telkens strandt het debat op de directe zichtbare kosten van asielopvang, sociale uitkeringen en publieke dienstverlening, terwijl de bredere positieve impact op de economie en samenleving buiten beschouwing wordt gelaten. 

Schijntheater

De studie van de Nationale Bank ontkrachtte de mythe dat migranten jobs ‘stelen’ of plaatselijke werknemers verdringen. Vaker zijn migranten complementair aan, en niet concurrentieel met, de lokale beroepsbevolking. Ze vullen de gaten die een steeds hoger opgeleide bevolking laat vallen in sectoren die fysiek belastend, laagbetaald of weinig aantrekkelijk zijn.

Dat laatste punt is belangrijk om hier te onderlijnen aangezien het botst met de gedachte dat een effectief migratiebeleid zich louter moet richten op het aantrekken van hooggekwalificeerde arbeidsprofielen of high potentials. In moderne kenniseconomieën ontstaat net een groeiend tekort aan werkkrachten voor kortgeschoolde maar essentiële ‘achter-de-schermen-jobs’ in sectoren als de bouw, horeca, landbouw, logistiek en zorg.

In de praktijk is de Belgische en Europese arbeidsmarkt structureel afhankelijk van een breed spectrum aan vaardigheden. Tezelfdertijd blijven beleidsmakers systematisch ontkennen dat er grote arbeidstekorten zijn voor kort- en middengeschoolde profielen.

Maar ondanks de grote demografische noden en de economische voordelen is de dominante politieke reflex ten aanzien van migratie er toch steeds een van afwijzing en afschrikking. De politieke consensus lijkt dat een strikt en streng anti-migratiebeleid absoluut noodzakelijk is. Als gevolg daarvan profileren steeds meer Europese regeringen zich met beleidsmaatregelen die een ‘vijandige omgeving’ moeten scheppen voor poteniele migranten.

Daarbij voeren ze grenscontroles op, beperken de opvang, duwen illegaal migrantenboten terug in zee, bouwen gesloten detentiecentra (binnen en buiten Europa), nemen bezittingen van vluchtelingen in beslag, enzovoort. Er is een fundamentele spanning tussen de verhardende politieke retoriek en de structurele behoeftes van de eigen economie en arbeidsmarkt. Migranten zijn vandaag dus zowel politiek ongewenst als feitelijk onmisbaar.

Symbolisch substituut

Op die paradox botsen uiteindelijk ook migratiesceptische regeringen. Zij beseffen net zo goed dat ziekenhuizen verpleegkundigen nodig hebben, bouwwerven bouwvakkers, rusthuizen handen langs het bed, en dat het pensioenstelstel extra jonge schouders nodig heeft. Je kunt kortom geen open, welvarende economie willen en fors minder migratie ambiëren.

Het resultaat is een fundamenteel tegenstrijdig en schizofreen beleid. Dezelfde politici die met hun vijandige retoriek het anti-immigratiesentiment aanzwengelen, ontwikkelen vaak parallel en stilzwijgend een beleid dat op grootschalige wijze arbeidsmigranten aantrekt en tewerkstelt. Daarmee lijken ze de instroom dus zowel te willen afremmen als te stimuleren. Het repressieve en vijandige discours doet dienst als ‘symbolisch’ substituut voor daadwerkelijke beheersing. De voordeur gaat misschien dicht, maar de achterdeur blijft wijd openstaan.

Dezelfde politici die met hun vijandige retoriek het anti-immigratiesentiment aanzwengelen, ontwikkelen vaak parallel en stilzwijgend een beleid dat op grootschalige wijze arbeidsmigranten aantrekt en tewerkstelt.

De meest dramatische illustratie daarvan levert het Verenigd Koninkrijk na de Brexit. Hoewel het referendum en de campagne grotendeels draaiden om de belofte de controle over de grenzen te heroveren en de migratie-instroom drastisch te reduceren, leidde de uittrede uit de EU – in een sterk staaltje dramatische ironie – net tot historisch hoge immigratiepieken.

Wat we zagen was geen reductie in migrantenaantallen maar een uitvergroot vervangingseffect. De daling van de immigratie van EU-burgers werd meer dan gecompenseerd door een enorme instroom van niet-EU-burgers. 

In Italië kwam nationaal-conservatief premier Giorgia Meloni aan de macht met een fors anti-migratiediscours, beloftes om een zeeblokkade op de Middellandse Zee op te werpen en met symbolische maatregelen tegen ngo-reddingsschepen en asielzoekers. Tegelijkertijd werd via de instroomwet en via bilaterale ‘arbeidscorridors’ een recordaantal werkvergunningen verleent om nijpende arbeidstekorten in de bouw, landbouw en zorg op te vullen.

In Italië verleende Giorgia Meloni een recordaantal werkvergunningen om nijpende arbeidstekorten in de bouw, landbouw en zorg op te vullen.

Denemarken stemde onder sociaaldemocratisch premier Mette Frederiksen een forse verstrenging van zijn vreemdelingenwet, bouwde een van de strengste asielregimes van Europa uit, verhief tijdelijke en onzekere verblijfstatuten tot de norm, maar versoepelde naderhand fors de toegangsregels voor arbeidsmigranten. Het resultaat zijn immigratiecijfers die nu boven het niveau liggen van het hoogtepunt van de Syrische vluchtelingencrisis in 2015.

De algemene les? In de praktijk verschuift een streng beleid misschien wel de migratiekanalen, maar het doet de onderliggende dynamiek van demografische en economische afhankelijkheid niet afnemen.

Vlaamse volharding

Sommigen weigeren de tegenstrijdigheid van het beleid in te zien. Wat is er mis met een streng beleid dat illegale migratie tegengaat, maar niet de bedoeling heeft om reguliere arbeidsmigratie in te perken? Die claim maakte Mark Elchardus in De Morgen (12 februari).

Nochtans is dat laatste wel exact wat onder het mom van het ‘strengste asiel- en migratiebeleid ooit’ gebeurt. Sinds de zesde staatshervorming is arbeidsmigratie in België een bevoegdheid van de deelstaten. Waar de meeste EU-lidstaten arbeidsmigratie oogluikend faciliteren, remt Vlaanderen die wel degelijk actief af, met ook hier tegenstrijdige en contraproductieve resultaten als gevolg.

Waar de meeste EU-lidstaten arbeidsmigratie oogluikend faciliteren, remt Vlaanderen die wel degelijk actief af, met ook hier tegenstrijdige en contraproductieve resultaten als gevolg.

Op 14 mei 2025 kwam het kabinet van Vlaams minister van werk Zuhal Demir (N-VA) naar buiten met de aankondiging dat ze een strenger en selectiever arbeidsmigratiebeleid zou voeren. De doelstelling was om de stijging van het aantal arbeidsmigranten van buiten de EU aan banden leggen. Concreet werden daarvoor verschillende extra drempels opgeworpen om een gecombineerde woon-werk-vergunning (of single permit) te verkrijgen.

De meest ingrijpende wijziging is de volledige uitsluiting van kortgeschoolde profielen zoals poetshulpen, afwassers, kamerpersoneel en fastfoodmedewerkers van de single-permit-procedure sinds 1 januari 2026. Voor de middengeschoolde profielen is de ‘migratielijst’ voor een versnelde procedure fors ingekort van 29 naar 21 beroepen, waarbij functies als truckers, bakkers, slagers, patissiers, vloerders-tegelzetters en sanitair-installateurs volledig zijn geschrapt.

De meest ingrijpende wijziging van de Vlaamse regering is de volledige uitsluiting van kortgeschoolde profielen zoals poetshulpen, afwassers, kamerpersoneel en fastfoodmedewerkers van de single-permit-procedure.

Werkgevers die voor deze geschrapte profielen toch een ‘derdelander’ willen aanwerven, moeten voortaan via een verstrengd arbeidsmarktonderzoek aantonen dat zij gedurende minimaal negen weken tevergeefs hebben gezocht op zowel de Belgische als Europese arbeidsmarkt. Bovendien is de discretionaire bevoegdheid afgeschaft om buiten de lijsten om te oordelen.

Daarnaast voerde de regering een gewestelijke retributie in van 200 euro, boven op de bestaande federale kosten, om de drempel van een vergunningsaanvraag voor werkgevers te verhogen. Wel versnelde Demir de procedures voor hoogopgeleide arbeidskrachten. ‘Internationaal toptalent blijft wel welkom’, stelde haar persbericht, alsof de arbeidsmarkt alleen nood zou hebben aan ingenieurs, artsen of advocaten.

Inefficiënte focus op 'eigen arbeidsreserve'

De beleidswijziging vertrekt vanuit een model van ‘concentrische cirkels’. Eerst moet gekeken worden naar werklozen en inactieven uit de eigen regio, dan naar EU-burgers, en pas als er werkelijk geen andere optie is, kunnen werkgevers kijken naar niet-EU-burgers. De redenering is dat openstaande vacatures in de eerste plaats ingevuld moeten worden door de ‘eigen arbeidsreserve’.

Die redenering gaat echter voorbij aan het feit dat Vlaanderen vandaag al historisch lage werkloosheidscijfers kent. De beschikbare vijver is grotendeels leeggevist, waardoor de beleidsaandacht zich noodgedwongen verplaatst naar de zogenaamde ‘niet-beroepsactieven’ – mensen die niet actief op zoek zijn naar werk, of dat simpelweg niet kunnen omwille van ziekte, zorgtaken voor kinderen of ouderen, studie of pensioen.

Kortom, het gaat om een groep die vaak geen verlangen heeft of niet in de mogelijkheid verkeert om snel de betaalde arbeidsmarkt te betreden. Dat maakt de focus op het activeren van de ‘eigen arbeidsreserve’ inefficiënt. Het is hoogst onwaarschijnlijk dat het eigen aanbod de structureel stijgende vraag naar arbeid kan opvangen. Bovendien kent onze economie een nijpend tekort aan kort- en middengeschoolde krachten, met name in sectoren zoals de bouw, toerisme, en zorg.

Door de toegang voor deze groepen te blokkeren, riskeert het beleid de economische groei te remmen en de krapte te institutionaliseren. De incoherentie is treffend. Enerzijds erkent de overheid de krapte door procedures voor hooggeschoolden te versnellen, anderzijds wordt de toegang voor de profielen waar net de grootste tekorten zitten uit ideologische koudwatervrees geblokkeerd.

Trojaans paard

Een centraal aspect van de migratieparadox is dat legale, gecontroleerde kanalen sluiten vaak leidt tot een verschuiving naar minder transparante routes. Een concreet reëel risico hier is dat de Vlaamse verstrengingen een shift zullen veroorzaken naar het kanaal van arbeidsdetachering. Bij detachering worden derdelanders door een bedrijf in een andere EU-lidstaat (vaak Polen, Litouwen of Portugal) tijdelijk naar België gestuurd om hier hun diensten te verlenen.

Dit systeem is veel fraudegevoeliger. Werknemers blijven onder de sociale zekerheid van het zendland, wat resulteert in lagere loonkosten en een groter risico op uitbuiting of sociale dumping.

In het voorjaar van 2025 waarschuwde een belangrijk rapport van de OESO en de Europese Commissie al voor de nadelige effecten van de verstrengingen. ‘Niet alleen zullen bedrijven minder geneigd zijn om personeel aan te werven, en zullen hooggekwalificeerde kandidaten minder geneigd zijn het trage en inefficiënte arbeidsmigratieproces te doorstaan’, klonk het, ‘maar werkgevers nemen mogelijk ook hun toevlucht tot het in dienst nemen van gedetacheerde werknemers. Dit ontneemt Vlaanderen de fiscale voordelen van het verwerven van een vaste beroepsbevolking en plaatst de werknemers in een situatie die hen vatbaarder maakt voor uitbuiting, met grotere uitdagingen op het gebied van toezicht op de naleving van de regels.’

Door de legale ‘voordeur’ van de single permit dicht te spijkeren, dwingt de Vlaamse overheid werkgevers simpelweg naar de (minder gereguleerde) ‘achterdeur’ van detachering.

Door de legale ‘voordeur’ van de single permit dicht te spijkeren, dwingt de overheid werkgevers simpelweg naar de (minder gereguleerde) ‘achterdeur’. De meest realistische uitkomst is daarom geen reductie in de totale migratie-aantallen, maar wel een shift in de mogelijke migratiekanalen. De migratiebehoefte wordt niet gemilderd maar naar een ander kanaal geduwd – een waar de Vlaamse overheid minder greep op heeft.

Nochtans gaat het kabinet-Demir hiermee lijnrecht in tegen het eigen Vlaamse regeerakkoord, dat expliciet stelde het kanaal van arbeidsmigratie aantrekkelijker te willen maken dan het fraudegevoelige systeem van detachering.

De wedloop naar het strengste migratiebeleid ooit dreigt zo door te slaan in fanatisme en onredelijkheid. Een blinde afkeer van migratie maakt Vlaanderen en België niet sterker, maar net armer. Wat ontbreekt in het debat is realisme en nuchterheid. In plaats van migranten en asielzoekers te demoniseren en ontmenselijken, zou het beleid beter starten van de ontegensprekelijk positieve bijdrages die zij aan onze snel vergrijzende maatschappijen kunnen leveren.

-          Deze bijdrage verscheen eerder bij De Gids.

Hielke Van Doorslaer

Doctor in de Politieke Economie (UGent) en wetenschappelijk medewerker bij Denktank Minerva.

✉️ hielke.vandoorslaer@denktankminerva.be

‘Waarom het “strengste asiel- en migratiebeleid ooit” de democratie ondergraaft’

‘Waarom het “strengste asiel- en migratiebeleid ooit” de democratie ondergraaft’

Baren voor het vaderland? Waarom onze baby’s de migranten niet kunnen vervangen

Baren voor het vaderland? Waarom onze baby’s de migranten niet kunnen vervangen